« Haken, breien, borduren, lezen. | Hoofdmenu | Computopia »

dinsdag 17 november 2009

Bibliotheken; argumenten toen en nu

Museum

De openbare bibliotheekbranche is dol op het interne debat; wie zijn we, waar gaan we naar toe en wie heeft het voor het zeggen in de branche? Of hoe boekig, hoe retail, hoe digitaal alles zou moeten zijn.

In feite is het een debat dat de verweven zit in de diepste genen van het bibliotheekwezen. Het is een vraag die al decennialang speelt met steeds andere invalshoeken. Hoe werken we samen maar blijven we toch onze eigen lokale bieb voor onze eigen lokale klanten die uiteraard geheel andere wensen en behoeften hebben dan de rest.

Ik ben op het ogenblik in lokale bibliotheekgeschiedenis verzeild geraakt en daar vind ik soortgelijke discussies terug. Alleen ging het toen vooral over katholieke en protestantse principes. Zoals deze gemeente die in 1952 ondanks protesten van de winkelbibliotheken- Weet de gemeente wel dat zo’n openbare bibliotheek subsidiegeld besteden aan de aanschaf van lichte ontspanningslektuur, terwijl de winkelbibliotheken belasting betalen over hun omzet!-besluit een Gemeentelijke Openbare Leeszaal en Bibliotheek op te richten.

Maar het Bestuur van de Stichting Rooms-Katholieke Openbare Bibliotheek en Bibliotheek i.o laat het College van B & W weten dat om principiële redenen zij niet kan ingaan op het voorstel

De ambtenaar betwijfelt dat Openbare Leeszalen en Bibliotheken -lectuur zouden aanschaffen die tegen de doelstellingen van die instellingen zou indruisen. Ze behoren een algemeen ontwikkelend en onderrichtend karakter te dragen en alle moreel schadelijke, op grove wijze andersdenkenden kwetsende of tot ongehoorzaamheid aan de landswetten opruiende lectuur te weren- en nodigt nog eens alle betrokkenen uit; de hervormde gemeente, de doopsgezinde gemeente, de evangelisch-lutherse, de gereformeerde, de christelijk gereformeerde, de vrijzinnig hervormden, de oud-katholieken, het leger des heils, het humanistisch verbond en het Nut.

De dominee van de Gereformeerd Kerk, art. 31 vrijgemaakt laat al bij voorbaat weten niet mee te doen. Hij zou daarmee in strijd komen met het Woord des Heren en de belijdenis der kerk. Bovendien zou hij in conflict komen met art.55 van de kerkenordening, waardoor hij gebonden is valse leringen en dwalingen te weren door onderwijs, wederlegging enz. Juist op het punt van der lectuur is grootste waakzaamheid geboden en wordt een grote strijd gestreden.

Uiteindelijk komt er in 1954 een katholieke bibliotheek en pas in 1958 een algemene. En uiteindelijk is het in de gemeente van dit voorbeeld helemaal goed gekomen; in de loop der jaren zijn ze allemaal gefuseerd en staat er een prachtige bibliotheek die de toets der kritiek kan doorstaan.

Wat is de les uit dit verhaal? De argumenten om niet gezamenlijk op te trekken of om faliekant tegen de bibliotheek te zijn, waren voor de betrokkenen van toen waarschijnlijk bloedserieus, maar 50 jaar later klinken ze op z’n minst zwaar overdreven en begrijpen we er eigenlijk niets meer van.

Zou het misschien ook zo zijn dat over 50, maar hopelijk veel eerder niemand meer begrijpt waarom in 2009 de branche  zo moeilijk doet over een structurele invulling van digitale diensten en het bouwen van een echte digitale bibliotheek?

Of zou over 50 jaar niemand meer snappen waarom we ons überhaupt druk maakten over een openbare bibliotheekvoorziening omdat er dan gewoon geen bibliotheken meer zijn?

Reacties

Laat een reactie achter

Neem inhoud van deze site over (XML)

Functies van de bibliotheek

  • *warenhuis van kennis en informatie
    *centrum voor ontwikkeling en educatie
    *encyclopedie van kunst en cultuur
    *inspiratiebron van lezen en literatuur
    *podium voor ontmoeting en debat

Widgets